Identificiatie, Diagnostiek en Interventie (I.D.I)
Wat doen deze tools?
De Identificiatie, Diagnostiek en Interventie methode wil organisatorische risico’s opsporen in verband met psychosociale belasting en ongewenst gedrag op het werk (pesterijen, geweld en ongewenst seksueel gedrag). Het instrument helpt eveneens bij het zoeken naar oplossingen voor de geïdentificeerde problemen.
De methode bestaat uit drie stappen. Elke stap wordt door dezelfde coördinator of coördinatrice geïnitieerd en opgevolgd.
Consultatie
Deze eerste verkennende stap wil, via een snelle vragenlijst, sleutelfiguren binnen de organisatie consulteren in verband met vier organisatiegebonden thema’s. Mogelijke profielen zijn: de arbeidsgeneesheer (m/v), vertrouwenspersonen, vakbondsafgevaardigden, mensen van het personeelsbeleid en de hiërarchie. De eerste stap zal uitmaken of de methode moet worden voortgezet.
Participatie
De coördinator organiseert een groepsdiscussie rondom een aantal organisatiegebonden thema’s die hij of zij vooraf heeft bepaald. De groep bestaat uit dezelfde personen die werden geconsulteerd, eventueel aangevuld met personen met hetzelfde profiel. De discussie vindt met andere woorden plaats tussen personen die met de problematiek van ongewenst gedrag binnen de organisatie bekend zijn. De werkgroep zoekt vervolgens naar oplossingen voor de problemen die ze samen hebben geïdentificeerd.
Restitutie
De coördinator bezorgt de resultaten van de tweede stap aan de hiërarchische lijn. Deze kan dan beslissen over de toepassing van de voorgestelde oplossingen.
Wie gebruikt de tools?
Het instrument is bedoeld voor personen die instaan voor het psychosociale welzijn van de werknemers (vb: preventieadviseur psychosociale aspecten).
Wat leveren de tools op?
- De identificatie en diagnose van organisatiegebonden risicofactoren voor psychosociale belasting en/of ongewenst gedrag op het werk.
- Het opstellen van een preventieplan om deze risicofactoren tegen te gaan.
Voordelen van de tools?
De voordelen zijn de volgende:
- Soepele methode: kan makkelijk worden aangepast
- Kost weinig in vergelijking met andere methodes
- Collectieve en collegiale aanpak: er wordt een verstandhouding gecreëerd tussen personen die met de problematiek van ongewenst gedrag bekend zijn
- Geleid door een groep internen, gemandateerd door het personeel en de kaderleden
- Gelegitimeerd door de directie van de organisatie
- Er kan informatie worden verkregen die via andere methodes soms moeilijk te bekomen is
- Gericht op het uitdenken en toepassen van duurzame oplossingen
- Actieve methode (analyse van psychosociale risico’s)
Nadelen van de tools?
- Vooroordelen en belangen van de deelnemers kunnen een rol spelen
- Terughoudendheid om zijn of haar mening te geven
- Conformiteitstendens: groepsdenken
- Mogelijk een moeilijk te hanteren hoeveelheid informatie.
Contactinfo
Voor vragen en meer informatie kan u (voorlopig in het Frans) contact opnemen met de onderzoeksgroep :
Ada Garcia (e-mail garcia@gsw.ucl.ac.be)

