Negative Acts Questionnaire (NAQ)
NAQ staat voor Negative Acts Questionnaire. Deze tool werd in Noorwegen ontwikkeld door Einarsen en Raknes (1997). De originele vragenlijst bestaat uit 22 vragen. De Nederlandse vertaling van deze vragenlijst bestaat uit 17 vragen. Dit instrument is beschikbaar in het Nederlands, Frans en Engels.
Wat doet deze tool ?
De NAQ meet aan de hand van 17 vragen de blootstelling van de werknemer aan pesterijen op het werk. De tool polst naar de ervaring van de werknemer (tijdens de afgelopen 6 maanden) met persoonlijke pesterijen (zoals bv. roddelen, sociale isolatie) en werkgerelateerde pesterijen (zoals bv. werk onder zijn/haar niveau geven).
Wie gebruikt de tool ?
De Negative Acts Questionnaire wordt individueel ingevuld door de medewerkers van de organisatie. In de meeste gevallen wordt de tool verspreid in de vorm van een vragenlijstonderzoek.
Wat levert de tool op ?
De Negative Acts Questionnaire geeft een beeld over de pestprevalentie binnen de organisatie. De 17 vragen kunnen beschouwd worden als indicatoren voor pesten op het werk. Werknemers die de vragenlijsten invullen kunnen op basis van hun antwoorden op de vragen ingedeeld worden in categorieën:
- Niet-gepest
- Beperkt werkgerelateerd kritiek
- Beperkt negatief bejegend
- Soms gepest
- Werkgerelateerd gepest
- Slachtoffer van pesterijen.
Bovendien kan men achteraf ook de organisatie vergelijken met de referentiepopulatie. Op deze manier krijgt het beleid naast informatie over hoeveel meer of minder werknemers blootgesteld zijn aan pesterijen ook een indicatie over welk soort negatief gedrag het gaat. Dit alles maakt het mogelijk om meer op maat te handelen.
Voor- en nadelen van de tool
De Negative Acts Questionnaire is een internationaal gevalideerde tool die in diverse wetenschappelijke en praktische studies (over heel Europa) reeds haar nut bewees. De vragen werden zorgvuldig uitgekozen en geformuleerd om tot een zo correct mogelijke meting van pesterijen op het werk te komen. Ze werd in België vertaald naar zowel het Nederlands en het Frans en de validiteit in deze talen werd aangetoond.
De tool geeft een objectieve meting van pesterijen op het werk. Dit heeft als voordeel dat men voor alle medewerkers eenzelfde criterium hanteert om te bepalen of men al dan niet slachtoffer is van pesterijen (en men dus gemakkelijker kan vergelijken). Naast de bepaling van wie al dan niet slachtoffer van pesterijen is, geeft deze tool ook zicht op andere vormen van gedrag die negatief inwerken op het welzijn van de werknemer. Dit maakt het mogelijk om interventies af te stemmen op de aard en omvang van het negatief gedrag.
Het nadeel is echter dat men niet direct rekening houdt met de subjectieve beleving van ‘gepest worden’: niet iedereen beschouwt zichzelf even snel als een slachtoffer. Deze tool kan afgenomen worden in combinatie met de S-ISW/CIM, die ongewenst gedrag op een subjectieve manier meten en die eveneens de risicofactoren voor ongewenst gedrag in kaart brengen.
Contactinformatie
De Negative Act Questionnaire (NAQ) is beschermd door een licentie. Voor meer informatie hieromtrent kan men contact opnemen met Guy.Notelaers@psy.kuleuven.be
Achtergrondinformatie
- Notelaers, G., Einarsen, S., De Witte, H. & Vermunt, J.K. (2006). Measuring exposure to bullying at work. The advantages and validity of the latent class cluster approach. Work & Stress, 20 (4), 288-301.
- Notelaers, G., De Witte, H., Vermunt, J.K. & Einarsen, S. (2006). Pesten op het werk. Gewikt en gewogen. Een latente cluster benadering voor de Negative Acts Questionnaire. Gedrag & Organisatie, 19 (2), pp. 140-160.
- De Witte, H. & Notelaers, G. (2005). Wie wordt er gepest op het werk? Op zoek naar risicogroepen. Over.Werk. Tijdschrift van het Steunpunt WAV, 2-3, pp. 157-161.
- Notelaers, G. & De Witte, H. (2005). Naar een typologie van pesten op het werk. Over.Werk. Tijdschrift van het Steunpunt WAV, 1, pp.138-142.
- Einarsen, S. & Raknes, I. (1997). Harassment in the workplace and the victimization of men. Violence and Victims, 12 (3), pp. 247-263.


